Oud-prijswinnaars

Herbert Read

Herbert Read

1966

In 1966 werd de Erasmusprijs op kunsthistorisch gebied gedeeld door Sir Herbert Read en René Huyghe.
Sir Herbert Read (1893-1968) was kunsthistoricus, criticus, schrijver en dichter. Hij was van 1922 tot 1933 conservator van het Victoria en Albert Museum in Londen, en daarna docent aan de universiteiten van Edinburgh, Liverpool en Londen. Van 1933 tot 1939 was hij redacteur van Burlington Magazine. Zijn leven lang heeft hij met de pen voor zijn idealen gestreden. Dat ideaal formuleerde hij zelf als volgt: “Kunst moet ons leven zozeer beheersen dat wij zouden kunnen zeggen: er bestaan geen kunstwerken meer, maar enkel kunst. Want kunst is dan de manier van leven.” Hiervan uitgaande heeft hij in vele publicaties geprobeerd het wezen en de betekenis van de kunst gestalte te geven. Door zijn invloedrijke en opbouwende kritieken heeft hij het inzicht in en de waardering voor de moderne kunst in hoge mate bevorderd. Reden waarom aan Sir Herbert Read de Erasmusprijs werd toegekend; maar ook als mens was hij deze prijs waardig, aangezien hij door zijn sociale bewogenheid voortdurend heeft geijverd voor toegang tot de kunst voor alle lagen van de bevolking. Door zijn pleidooien voor creativiteit in de opvoeding heeft hij onmiskenbaar invloed uitgeoefend op een harmonieuze ontwikkeling van de jeugd. Tot zijn bekendste publicaties behoren onder andere The Meaning of Art (1931), Art and Society (1937), Education through Art (1943) en Icon and Idea (1955).

Sir Herbert Read wilde dat zijn gedeelte van de prijs gebruikt zou worden om gedurende tien jaar een jaarlijkse lezing te organiseren over ‘de Eenheid van de Europese kunst’ in het Institute of Contemporary Art in Londen. Lezingen zijn gehouden door onder anderen Peter Hall, Helen Vlachos, Melina Mercouri, Octavio Paz en Edward Goldstucker.