Oud-prijswinnaars

Charles Chaplin

1965

In 1965 werd de Erasmusprijs gedeeld door Charles Chaplin en Ingmar Bergman, als vertegenwoordigers van respectievelijk de beginjaren van de film en de actuele filmkunst.
Charles Spencer Chaplin werd in 1889 in Londen geboren als zoon van een toneel- en variétéartiestenpaar. Al jong trad hij op in Londen en ging hij op tournee door Europa. In 1910 vertrok hij naar de Verenigde Staten, waar hij spoedig een eigen studio oprichtte. Van vrijwel al zijn films was Chaplin zelf de scenarioschrijver, regisseur, hoofdrolspeler en dikwijls ook de componist. Vanwege het politieke klimaat verliet hij in 1952 de Verenigde Staten en vestigde zich in Zwitserland, waar hij in 1977 overleed.
Charles Chaplin is wereldberoemd geworden door zijn creatie van ‘Charlie de Landloper’, de kleine kwetsbare man die zich tracht staande te houden in de wereld van geld en macht. De Erasmusprijs is aan Chaplin toegekend omdat hij door een uitgebreid en universeel gewaardeerd oeuvre, dat zich kenmerkt door een meesterlijke dosering in een poëtische vorm van ernst, humor en sterk sociaal mededogen, een grote bijdrage heeft geleverd aan de ontwikkeling van filmindustrie tot filmkunst. Bovendien is hij altijd de typische vertolker gebleven van het wankele evenwicht tussen collectivisme en individualisme, tussen het absolute en het relatieve, het verkondigen van een boodschap en ontspanning door een grap. Zijn autobiografie verscheen in 1964. Tot zijn belangrijkste films behoren The Gold Rush (1925), City Lights (1931), Modern Times (1936), The Great Dictator (1940), Monsieur Verdoux (1947) en Limelight (1952).

Het grootste gedeelte van zijn prijsbedrag heeft Charlie Chaplin besteed aan de Emmaus-communiteit van Abbé Pierre. In het hoofdkwartier van de Communiteit in Nederland te Haarzuilens, werd aan Abbé Pierre een bedrag aangeboden door Ir. A. Engel, toenmalig voorzitter van de Stichting Praemium Erasmianum. De rest van het bedrag werd als bijdrage ter beschikking gesteld aan de Nederlandse Filmacademie om een film te maken over Internationaal Kindertheater.

Gronden van Verlening

De Erasmusprijs 1965 is verleend aan Charles Spencer Chaplin

Omdat hij door en uitgebreid en universeel gewaardeerd oeuvre, dat zich kenmerkt door een meesterlijke dosering van ernst en humor, van traan en lach, een grote bijdrage heeft geleverd tot de ontwikkeling van filmindustrie tot filmkunst;

omdat hij door het scheppen van een door ouden en jongen geliefde figuur, die reeds nu in de historie getreden is, vele miljoenen heeft vermaakt en ontroerd en omdat hij verdriet, teleurstelling en onrecht zó dichterlijk heeft weten te verpakken in een hulsel van grappen en komische situaties dat er een boodschap van warm, menselijk mededogen uitgegroeid is die aan geen zijner toeschouwers voorbij is gegaan;

omdat hij in verschillende grote werken niet slechts de vermoeidheid van het avondland, maar ook de onversaagbare vitaliteit van de mens gestalte heeft gegeven en in de film The great Dictator als een der eersten de tragedie heeft begrepen en aan de kaak gesteld die Europa tegemoet ging;

omdat hij aldus gedurende veertig jaren filmactiviteit buiten Europa de typische vertolker is gebleven van de Europese aarzeling tussen collectivisme en individualisme, tussen het absolute en het relatieve, tussen het verkondigen van een boodschap en de ontspanning door een grap;

omdat hij moedig en ridderlijk partij heeft weten te kiezen voor menselijke waarden die mede het geestelijk klimaat bepalen van onze samenleving en zich daardoor een groot Europeaan en een groot wereldburger heeft getoond.

Dankwoord

Majesteit, Koninklijke Hoogheden, Excellenties, Dames en Heren

Ik ben erg geroerd, dat wil ik graag bekennen, door de toespraak van Zijne Koninklijke Hoogheid. Die toespraak werd - naar mijn mening - allervoortreffelijkst gebracht en wat hij over ons beiden, niet het minst over mijzelf, heeft gezegd, was overtuigend en ontroerend.
Ik wil U van harte dank zeggen voor deze grote eer en voor de genereuze gift die er mee gepaard gaat. Zoals de rijken zeggen, geld is niet alles. Maar het is wel een waardevolle aansporing tot alles.
Maar, naast deze feiten, wil ik hier toch ook zeggen dat ik geen geletterd man ben. En toen men mij ervan in kennis stelde dat ik deze prijs zou ontvangen, wierp ik mij op de encyclopedie om meer te weten te komen over Erasmus.
Hoe meer ik over hem las hoe meer hij in aanzien steeg, hoe meer zijn beeld voor mij groeide als het edelmoedigste hart en de boeiendste persoonlijkheid die, zo dacht ik, deze wereld ooit heeft voortgebracht. En ik zie, op een heel bescheiden schaal, verwantschap met mijzelf. Want ik denk bij Erasmus in de allereerste plaats aan de humanist, en, hoe meer ik over hem nadenk, over zijn medelijden en aan zijn deernis voor de mensheid, hoe meer ik van hem houd. Hij is naar mijn mening de grootste van alle realisten, omdat hij in zijn tijd openlijk verkondigde dat hij een wereldburger was, en dat was toentertijd wel een heel vooruitstrevende gedachte.
Hij was ook verdraagzaam. Hij haatte vechten en geweld. Ook daarom houd ik van hem. Onder de naam van zulk een groot man is het voor mij een hoge eer deze prijs te mogen ontvangen.
Ik vind het alleen jammer dat mijn deelgenoot uit de filmwereld hier niet aanwezig is om de prachtige lofrede aan te horen die Zijne Koninklijke Hoogheid uitsprak op hem, Ingmar Bergman. Ik heb hem altijd bewonderd. Ik heb niet zo veel films van hem gezien, omdat ik een oud man ben en hij een nieuweling in de wereld is, en een die bijzonder welkom is. Maar hij is als dichter en kunstenaar een uitnemend schepper, en om die reden ben ik oprecht verheugd dat ik deze morgen zijn deelgenoot ben en dat wij beiden samen deze grote prijs, dit grote eerbewijs hebben ontvangen.
Men verwachtte van mij dat ik iets zou zeggen over het maken van films. Om eerlijk te zijn, ik heb er heel weinig over te zeggen. Mijn werkwijze is emotioneel. Ik heb geen vastomlijnde opvattingen, geen pasklare begrippen over het maken van films. Elke film is voor mij een avontuur, een onbekende grootheid. Tot hen die het verlangen of de ambitie hebben een film te maken, kan ik slechts zeggen: Er zijn twee aspecten, waarmee men te doen krijgt bij het maken van een film.
Het ene is geld verdienen en het andere: iets maken waarin jezelf plezier hebt. En door ergens zelf plezier in te hebben, dat wil zeggen door je gehele ziel en persoonlijkheid in een prestatie, in een werkstuk te leggen, benadert men volgens mij het scheppen van een kunstwerk.
Toen ik een jonge man was, vroeg mij iemand wat volgens mij een kunstwerk was. En ik zei: het is een liefdesbrief aan de wereld, goed geschreven. Ik denk dat Erasmus het daarmee eens zou zijn geweest. Dank U.

Ingmar Bergman op locatie

Regisseur Ingmar Bergman filmend op locatie. Hij ontving in 1965 de Erasmusprijs samen met Charles Chaplin.

Modern Times

De komiek en filmmaker Charles Chaplin kreeg de Erasmusprijs in 1965, samen met de regisseur Ingmar Bergman.